Ga naar kvdorestad home

20 jaar KV Dorestad
Start Omhoog Contact


Start
Omhoog

Twintig jaar KV Dorestad.

Door: Hans Liefhebber

(Bekijk de bijbehorende fotoreportage)

Graag voldoe ik aan het verzoek van de redactie om in dit jubileumjaar regelmatig  in ons Clubblad wat te schrijven over de totstandkoming en het reilen en zeilen van onze vereniging. Voornaamste bron daarbij is het archief van ons Clubblad. Gelukkig hebben de diverse redacties zich trouw van hun taak gekweten! Elk jaar zijn minimaal vijf en meestal zes nummers van het Clubblad verschenen. Ik zou het leuk vinden als leden die leuke anekdotes uit de beginjaren kennen deze aan mij willen mailen. Ook reacties op het hier geschrevene, wat zeker niet de naam van officiële geschiedschrijving mag hebben, zijn welkom.

De oprichting.

De aanleiding voor het oprichten van KV Dorestad staat beschreven in het artikel van Piet Hart “Het ontstaan van de KV Dorestad” op pag 3-5 van dit katern. De Utrechtse Kanoclub (UKC) had haar clubgebouw in het kantoor van de steenfabriek Lunenburg aan de dode arm van de Neder Rijn in Wijk bij Duurstede en besloot in 1990, zonder alle leden daarin te kennen, te verhuizen naar een locatie aan de Maarseveense- plassen.

 

Dit was de reden dat 16 leden uit Wijk bij Duurstede en omgeving op 14 februari 1991 in de kantine van de Fruitveiling van Wijk de koppen bij elkaar staken en besloten een eigen kanovereniging op te richten. De oprichtingsakte werd op 31 mei bij notaris van Nielen getekend. Namens de vereniging tekenden Piet Hart (voorzitter) en Peter van der Spek als

bestuurslid. In de statuten is reeds sprake van aansluiting bij de Bond, in het midden latend welke Kanobond bedoeld wordt. De oprichters hadden kennelijk een vooruitziende blik, want later bij de aansluiting van de TKBN heeft dit gegeven de club enkele honderden euro’s voor het maken van nieuwe statuten bespaard. Omdat ik de rol en betekenis van Peter van der Spek  voor onze vereniging reeds onlangs op zijn verjaardag heb gememoreerd zal ik deze keer wat meer over Piet Hart, onze eerste voorzitter, schrijven. Piet Hart leidt de vereniging de eerste woelige vier jaar. Hij blijkt als kleine middenstander uit Utrecht (later zal hij in Wijk gaan wonen) de juiste man op de juiste plaats. Zijn stukjes in het Clubblad stralen een optimistische kijk op de toekomst uit. Al in 1992! weet hij te melden dat de club vijftig leden telt en het bestuur als streefgetal aan 100 leden denkt! Dat de vereniging naar uitbreiding streeft is ook wel nodig, want met 16 mensen de huur van het Clubgebouw en de contributie voor het lidmaat-schap van de NKB opbrengen lijkt te hoog gegrepen. Hierbij moet worden bedacht dat het in die tijd ging om de huur van een kantine met daarachter een grote kantoorruimte (met een prachtige parketvloer!) waar onze kano’s op werden gestald. Al snel werd door het bestuur ingezien dat door zelf een (deels open) kanoberging op het grasveldje voor de kantine te bouwen de huurkosten drastisch omlaag zouden kunnen.

Dit brengt mij op een eerste kenmerk van onze vereniging. Door de hele ontstaansgeschiedenis zie je dat er mensen zijn geweest die de club veel geld bespaarden door materialen aan te leveren en zelf de handen uit de mouwen te steken. Ook de jaarlijkse klussendag werd al in de eerste jaren ingevoerd. Het lidmaatschap van de NKB wordt echter al na enkele jaren opgezegd omdat we het er niet mee eens zijn dat voor ieder gezinslid contributie aan de bond verschuldigd is. Dit wordt niet alleen binnen onze vereniging als een brug te ver gezien, wat een van de belangrijkste redenen wordt voor de groei van de TKBN. De onstuimige groei in het begin van onze vereniging had ongetwijfeld ook te maken met het feit dat er meer kanodisciplines werden beoefend dan nu het geval is. Er werd in die jaren regelmatig aan brandingvaren, zeevaren en wildwatervaren gedaan. Dit had vooral aantrekkingskracht op jongeren. De vereniging heeft een periode zelfs meer jeugdleden dan volwassenen gekend!  Inspirerend leider van de jeugd werd Fred van Viegen. Spreek je nog voormalige jeugdleden uit deze periode dan denken ze allen met een zekere nostalgie terug aan het spelen rond het clubgebouw en kamperen op de strandjes van de Gravenbol. Fred’s risicovolle activiteiten en geringe aandacht voor het opruimen van de gebruikte clubmaterialen hebben het bestuur echter door de jaren heen veel hoofdbrekens gekost, wat uiteindelijk tot een scheiding van geesten heeft geleid. Ook andere leden uit de begintijd trekken zich weinig van het bestuur aan. Piet Hart probeert de boel bij elkaar te houden door

te schrijven dat onze vereniging er een moet zijn waar: “iedereen zich thuis voelt, gezelligheid boven presteren gaat en we elkaar als mens respectvol zullen bejegenen”. Ondertussen loopt Piet Hart zich het vuur uit zijn sloffen om financiële ondersteuning van de gemeente Wijk bij Duurstede te verkrijgen. Het feit dat de nieuwe vereniging nog geen eigen vermogen had en veel jeugdleden kende, maakte dit noodzakelijk. Een andere pijl op de boog van Piet Hart was de voortdurende aandacht voor P.R.  Op Koninginnedag verzorgt de vereniging jarenlang een  demonstratie in de haven van Wijk waarbij Piet met megafoon het  toegestroomde publiek inlicht over de verschillende slagen en oefeningen die worden gedemonstreerd. Al deze inspanningen leiden ertoe dat de vereniging in de eerste jaren al een wildwater-, jeugd- en zeekano kan aanschaffen. Een tweede belangrijk kenmerk van onze vereniging is ongetwijfeld de nadruk op het kanokamperen. Peter van der Spek en Henk van de Haar organiseren in de beginjaren al tochten op de Loire, Dordogne en Semois. De zelfgebouwde Keps kano’s blijken voor dit doel zeer geschikt. Deelnemers in die tijd zijn nog uitsluitend mannen. De kanokampeertochten doen een beroep op avontuurzin en kameraadschap en dit leidt er uiteindelijk toe dat er in onze vereniging altijd een harde kern van mensen actief zal zijn die elkaar ook als persoon goed kent. Opvallend in de vaarkalenders van de eerste jaren is

dat er samen met de kanoclub in Wageningen wel vijf zwembad-middagen in het Valleibad in Veenendaal worden georganiseerd. Dit heeft ongetwijfeld bijgedragen aan de goede vaarvaardigheden van een groot aantal leden. Veel huidige hoogtepunten in de vaarkalender zijn al in de eerste jaren ontstaan zoals de tochten in Nieuwkoop, op de Linge, en de Loosdrechtse plassen. Maar ook staan er in de vergetelheid geraakte tochten van Rhenen en Oosterbeek naar Wijk op het programma. In het clubblad wordt er al aandacht geschonken aan het voorkomen van zwerfvuil langs het water en zijn er vogelbeschrijvingen.